Matthäus Passion

 

Matthäus in Amsterdam

Op 8 april 1899 voerde Willem Mengelberg voor het eerst met het Concertgebouworkest de Matthäus uit, maar niet als eerste in Nederland. Dat was in Rotterdam in 1870 onder leiding van Woldemar Bargiel. Vier jaar later was de Amsterdamse première (Toonkunstkoor en het Parkorkest, onder Johannes Verhulst). Mengelberg pakte het grootschalig aan, met een groot orkest en koor (450 mensen), met een romantisch orgel, klarinetten in plaats van oboe da caccia en oboe d’amore, een piano in plaats van basso continuo, en zonder luit of viola da gamba. Hij kortte ook het stuk sterk in, zoals Mendelssohn, de man die de Matthäus weer op het repertoire zette, al had gedaan. Mengelbergs aanpak lokte gemengde reacties uit: vooral het grote koor riep bezwaren op – maar een traditie was wel gevestigd. Mengelberg bleef overigens naar variaties zoeken op het gebied van stuk en de bezetting. De opname van de uitvoering op Palmzondag 1939 geeft in ieder geval iets weer van zijn opvattingen.
Matthäus in Naarden

Op Goede Vrijdag 14 april 1922, ’s middags om twee uur, werd voor het eerst de Matthäus Passion in de Grote Kerk van Naarden uitgevoerd onder de eerste dirigent, Johan Schoonderbeek. De opvoering in Naarden werd een traditie. Het gebeurde in een tijd dat Willem Mengelberg in Amsterdam furore maakte met zijn meer romantische en flink gecoupeerde uitvoeringen van de Matthäus Passion in het Concertgebouw, met koren van wel 450 mensen. De eerste daad van de Nederlandse Bachvereniging was dan ook juist de vrijwel complete versie ten gehore te brengen. De Matthäus in Naarden zou in de loop der jaren steeds meer de ontwikkelingen in de oude-muziekpraktijk volgen. Maar aanvankelijk waren de verschillen tussen Amsterdam (Mengelberg) en Naarden (dirigent Anthon van der Horst) niet zo groot omdat gebruik werd gemaakt van dezelfde musici (Concertgebouworkest) en solisten. Vanaf 2005 streeft de huidige dirigent naar een nog oorspronkelijker en beperkter bezette uitvoering.
Nederlandse Matthäus

In 2006 is een Nederlandstalige versie van de Matthäus Passion verschenen. Deze is door Jan Rot hertaald. Rot heeft hier vijf jaar aan gewerkt. De Passie werd uitgevoerd door het Residentie Orkest, Het Residentie Bachkoor en het Haags Matrozenkoor onder leiding van Jos Vermunt. De eerste uitvoering, in de Anton Philipszaal in Den Haag, was een groot succes en leverde een staande ovatie van twintig minuten op. Ook de dichter Jan Engelman maakte een vertaling van de Matthäus Passion, maar deze vertaling kreeg weinig waardering.
Conventies

In Amsterdam is de gewoonte ontstaan na de uitvoering niet te applaudisseren vanwege de religieuze sfeer van het stuk – na een kerkdienst klapt men nu eenmaal niet. Deze traditie wordt wel steeds meer doorbroken, wat volgens velen afbreuk doet aan het speciale van de gelegenheid. Bij de publieke omroepen is de conventie ontstaan geen delen van de Matthäus uit te zenden (er is vaak wel een integrale uitzending in de lijdenstijd). Een commerciële zender als Classic FM houdt zich daar niet aan, en dat roept soms verzet op.