Symboliek Matthäus

 

Symboliek in Bach’s Matthäus Passion

Bach speelt veel met getallen. Zo is de getalswaarde van de naam Bach gelijk aan 14 (B is de 2e letter van het alfabet, A de 1e, C de 3e en H de 8e, 2 + 1 + 3 + 8 = 14; in het toenmalige Duitse alfabet werd geen onderscheid gemaakt tussen de I en de J.). Het getal 14 komt in de Matthäus Passion veelvuldig voor, er zijn bijvoorbeeld 14 koralen, wat dus terugslaat op de naam Bach. De Matthäus Passion bestaat in totaal uit 68 muziekstukken. Naast de 14 koralen zijn er 27 passage’s waarin het evangelie wordt gezongen, en 27 overige stukken. Het getal 27 staat bij Bach voor de drieëenheid van God (3×3×3). De 27 stukken evangelie tekst bestaan uit in totaal 729 maten, wat het kwadraat is van 27.

In het stuk wordt door het koor: “Herr, bin Ich’s?” gezongen. Dit is in het stuk wanneer Jezus met de 12 apostelen aan het laatste avondmaal deel neemt. Deze zin wordt 11 keer herhaald, geen 12 keer, Judas (de verrader) zingt immers niet mee.

Een ander duidelijk voorbeeld van symboliek vindt men in de muzikale omlijsting van Jezus: bij alle teksten die Jezus zingt, wordt hij begeleid door strijkers, behalve bij z’n laatste woorden. Deze beroemde woorden luiden ‘Eli, eli, lema sabachtani’, vertaald ‘Mijn God, Mijn God, waarom hebt Gij Mij verlaten’; de volledige verlatenheid van Jezus wordt hier dus geïllustreerd door de afwezigheid van de strijkers.

Ook eindigt de Matthäus Passion met een groot septiem als voorhouding. De voorhouding lost normaal op. Dit symboliseert dat het evangelie geen droevigheid kent, maar de opstanding van Christus en dat ze eeuwig blijft bestaan.

Maar de symboliek komt ook op een minder subtiele wijze terug. De begeleiding van de Christuspartij in de recitatieven bijvoorbeeld gebeurt met een basso continuo. In totaal speelt deze bas-begeleiding 365 noten, het aantal dagen in het jaar. Bach geeft hiermee aan dat Jezus de basis van alle dagen van het jaar vormt.

Vanaf ongeveer 1950 wordt er door Bach-kenners druk gezocht naar allerlei verborgen symbolieken in de Matthäus Passion. Zo zou Bach zijn geboortedatum en zelfs zijn sterfdatum muzikaal hebben verwerkt. Critici wijzen erop dat wie maar lang genoeg zoekt vanzelf wat zal vinden en nemen aan dat veel van de gevonden “boodschappen” berusten op toeval. Het werken met getallen, symboliek en retoriek was in de barokmuziek overigens een praktijk die ook bij andere componisten voorkwam, met name bij Heinrich von Biber.